top of page

Sancties en exportcontroles in 2026: waar het Nederlandse bedrijfsleven het kwetsbaarst is

26 jun 2026

Sancties en exportcontroles in 2026: waar het Nederlandse bedrijfsleven het kwetsbaarst is

Sancties en exportcontroles in 2026: waar het Nederlandse bedrijfsleven het kwetsbaarst is

Ā 

Voor Nederlandse exporteurs is het landschap van trade compliance onder hun voeten verschoven. De Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) richtte in 2025 een apart handhavingsteam voor sancties op. Het aantal onderzoeken en bedrijfsbezoeken neemt toe. Het twintigste EU-sanctiepakket is van kracht, en de catch-all-goederenlijst is zo ver uitgebreid dat gewone consumentengoederen nu naast de voor de hand liggende dual-usegoederen staan.


Tijdens de tweede ICC Netherlands Digital Business Lunch op 26 juni spraken ruim 40 trade- en complianceprofessionals met Floor Koops, partner bij Bennink Dunin-Wasowicz, en Ruud Altena, corporate compliance leader, tot voor kort bij Braskem. Het gesprek ging over de vraag waar de risico’s nu liggen en wat het bedrijfsleven daaraan zou moeten doen. Andrea Cardoso modereerde de sessie.


Een steeds wijder net


De opvallendste trend is volgens Koops de gestage aanscherping van het EU-sanctiekader. Recente maatregelen omvatten nieuwe contractuele clausules die moeten voorkomen dat tankers worden doorverkocht aan Russische kopers, verboden op haveninfrastructuur (onder meer in Indonesiƫ), beperkingen voor Russische aanbieders van cryptoactiva, en de activering door de EU van haar anti-omzeilingsinstrument met een volledig verbod op bepaalde export naar Kirgiziƫ. Het aantal uitzonderingen en afwijkingsmogelijkheden neemt af.


Voor een publiek dat sancties in grote lijnen kent, was vooral verrassend hoe ver de catch-all-goederenlijst inmiddels reikt. Schrijfmachinelinten, gebruikte kleding en zittingen voor motorvoertuigen behoren nu tot de goederen waarvan de export naar Rusland beperkt is. Een veelgehoorde reactie uit de zaal: wij dachten dat onze producten te alledaags waren om eronder te vallen.

Over Iran wees Koops op het recente EU-kader dat verdere beperkende maatregelen mogelijk maakt als reactie op handelingen die de vrije scheepvaart in de Straat van Hormuz bedreigen. Die komen boven op de beperkingen rond de productie van drones, technische bijstand, tussenhandel en intellectuele eigendom.


Waar bedrijven het slechtst op voorbereid zijn


Bedrijven richten zich sterk op de exportkant en missen de importbeperkingen, zei Koops. Sinds januari 2026 beperkt de EU de invoer van aardolieproducten die uit andere landen worden gekocht, als daarin olie van Russische oorsprong zit. Ook sigaren, kiezelstenen, koelkasten en vaatwassers vallen eronder.


Diensten zijn de andere blinde vlek. De EU-beperkingen kennen twee categorieĆ«n: volledige verboden op het leveren van bepaalde diensten aan Rusland (engineering, technische diensten, IT en andere), en diensten die samenhangen met goederen waarvan de export eerder al werd beperkt. Koops zag gevallen waarin een Nederlands bedrijf goederen bezit die al vóór 2022 in Rusland stonden, en die het nu nog steeds niet mag onderhouden vanwege de onderliggende beperking. ā€˜Als u zakendoet in Rusland of daar een dochteronderneming heeft, is de kans vrijwel nul dat u niet ook een dienst levert’, zei ze.


Is een schip alleen maar een schip?


Altena legde een casus voor. Een scheepsbouwproject van 550 miljoen dollar, deels gefinancierd door een Noors pensioenfonds, betrok acht schepen bij een Chinese werf. Uit due diligence bleek dat die werf ook marineschepen bouwde. De schepen waren bestemd voor Aziƫ en Zuid-Amerika, nooit voor de Verenigde Staten. Toch kon het team het risico niet volledig uitsluiten dat Amerikaanse sancties ergens in de levensduur van het schip de bemanning, het onderhoud, de bunkerbrandstof of de vlag zouden raken.


ā€˜Is een schip alleen maar een schip? Het is veel meer. Het is op zichzelf een rechtspersoon. Het is een drijvend dorp dat een bemanning nodig heeft, en onderhoud van het schip zelf en van de apparatuur aan boord’, zei Altena. Elke laag brengt een eigen sanctierisico mee. Gesanctioneerde partijen kunnen bunkerbrandstof leveren, onderhoud verrichten of op de bemanningslijst staan. De vlag voegt daar een diplomatieke dimensie aan toe.


Gevraagd wat hij achteraf anders zou doen, was Altena helder: hij had harder moeten aandringen op Zuid-Korea in plaats van China. Duurder, politiek veiliger, en de opdrachtgever van het project had beter geslapen.


De valkuil van reserveonderdelen


Classificatie gaat volgens Koops het vaakst mis bij reserveonderdelen. Bedrijven delen reserveonderdelen standaard in onder dezelfde HS-code als het hoofdproduct. Het hoofdproduct gaat de grens over met een eigen exportvergunning, maar voor het reserveonderdeel op zichzelf kan een aparte vergunning nodig zijn op grond van de EU-regeling voor dual-usegoederen. Een onderhoudscontract leidt maanden later tot een zending reserveonderdelen, de douane gaat uit van de bestaande indeling, en het bedrijf overtreedt ongewild de regels.


Ook binnen de EU is voor bepaalde dual-usegoederen een vergunning nodig. Een veelgemaakte fout is te denken dat zendingen binnen de EU buiten het bereik vallen. Dat is niet zo.


De toon aan de top


Over complianceprogramma’s kwamen Koops en Altena op dezelfde boodschap uit: trade compliance kan niet langer alleen bij de juridische afdeling of de compliancefunctie liggen. Een werkbaar programma begint met een grondige risicoanalyse van de sector, de geĆ«xporteerde en geĆÆmporteerde goederen, de directe en indirecte tegenpartijen, de landen en de vervoersmodaliteiten. Op basis daarvan kan een bedrijf een programma op maat ontwerpen, met concrete stappen, duidelijke escalatielijnen en werkwijzen die aansluiten bij sales, inkoop en supply chain.


ā€˜Compliance zou niet iets moeten zijn van de juridische afdeling of van compliance, maar echt van de business zelf’, zei Koops. Sales, inkoop en supply chain zijn het gezicht van het bedrijf naar buiten. Zij moeten het risico dragen. Een duidelijke en goed gecommuniceerde risicobereidheid – welke landen en welke sectoren doen wij niet – is volgens haar de effectiefste beheersmaatregel die een bedrijf kan invoeren.


Altena voegde het operationele deel toe. Een periodieke enquête onder het middenkader laat een bedrijf zien welke zwakke punten verbeteren en welke niet. Daarin wordt de compliance op tariefindeling, waardebepaling, douanebeheer en andere onderdelen gescoord op een schaal van één tot vijf. Jaarlijks een volledige review, elk kwartaal een korte controle op de zwakke punten. Leg alles vast, train medewerkers en voer periodiek audits uit.


Als de bank belt


Een aanzienlijk deel van de onbedoelde overtredingen komt aan het licht via de betalingsscreening van banken. Koops riep bedrijven op volledig mee te werken en hun antwoorden zorgvuldig vast te leggen. Terughoudendheid levert een groter probleem op dan openheid. Banken die geen duidelijke antwoorden krijgen, voeren transacties niet uit en sluiten na verloop van tijd de rekening. Elders een rekening openen is aanzienlijk lastiger dan de meeste bedrijven verwachten.


Wat het Nederlandse bedrijfsleven nu al kan doen


Gevraagd om af te sluiten met vijf praktische prioriteiten, kwamen beide sprekers met lijsten die elkaar deels overlappen en deels aanvullen.


VanFloor Koops: ten eerste, maak de naleving van sancties en exportcontroles een prioriteit die aan de top begint. Het is een concurrentievoordeel. Ten tweede, voer een risicoanalyse uit en bouw daar een complianceprogramma op maat omheen. Ten derde, classificeer al uw goederen, inclusief reserveonderdelen. Ten vierde, leg duidelijke escalatielijnen vast, waarbij de businessunits het risico dragen. Ten vijfde, veranker de cultuur: trade compliance als strategische capaciteit, niet als vangnet.


VanRuud Altena: ten eerste, houd uw classificatie actueel en streef niet alleen naar ā€˜correct’, maar naar ā€˜optimaal’ voor uw supply chain. Ten tweede, valideer uw exporttools en voer een echt gesprek met uw douane-expediteur. Ten derde, kijk verder dan de screening van directe relaties en ga de supply chain in, aan zowel de leveranciers- als de klantkant. Ten vierde, neem diensten serieus. Ze kunnen onder sancties vallen, en de discussie over soevereiniteit verbreedt het bereik. Ten vijfde, benut tarief- en vrijhandelsakkoorden. Ook dat zijn kansen, en uw financieel directeur zal u dankbaar zijn.


De weg vooruit


Via haar Business Integrity Commission blijft ICC Netherlands praktische handreikingen ontwikkelen in vijf werkgroepen. Het eerste resultaat, een set minimumnormen en begrijpelijke one-pagers over sanctienaleving, verschijnt naar verwachting na de zomer. Verder wordt gewerkt aan anticorruptie, geĆÆntegreerde due diligence en ethiek in de bestuurskamer.

ICC Netherlands deelt dit werk openlijk en verwelkomt nieuwe organisaties die willen meedoen.



De Digital Business Lunch is een maandelijkse onlinereeks over de onderwerpen die de internationale handel in beweging brengen, van tarieven en douanehervorming tot AI in trade compliance, duurzaamheid en IFRS.


Meer informatie over de komende Digital Business Lunches:Evenementen & trainingen | ICC WBO Netherlandsof onze LinkedIn-pagina.

bottom of page