ICC waarschuwt voor risico’s van dubbele belasting in nieuwste VN-belastingoverleg
19 dec 2025

Half november kwamen regeringsonderhandelaars bijeen voor de derde zitting van het intergouvernementele onderhandelingscomité (INC) van de Verenigde Naties over het raamverdrag inzake internationale fiscale samenwerking.
De ambitie is groot: mondiale belastingregels hervormen onder auspiciën van de VN, met bijzondere aandacht voor rechtvaardigheid en ontwikkeling. Voor het bedrijfsleven roept die koers echter bekende en serieuze vragen op over zekerheid, samenhang en het risico van dubbele belasting.
Als de institutionele vertegenwoordiger van meer dan 45 miljoen bedrijven wereldwijd greep ICC de zitting in Nairobi aan om haar boodschap kracht bij te zetten. In schriftelijke bijdragen aan de werkstromen van de onderhandelingen stelde ICC dat het verdrag zonder duidelijke waarborgen de grensoverschrijdende handel en investeringen onbedoeld kan ondermijnen in plaats van duurzame ontwikkeling te ondersteunen.
Een verdrag met veel bewegende onderdelen
De eerste week in Nairobi ging over de conceptverplichtingen in artikelen die in het verdrag zelf worden opgenomen (Workstream I). Deze artikelen liepen sterk uiteen – van een eerlijke verdeling van heffingsrechten, de behandeling van vermogende particulieren en duurzame ontwikkeling tot illegale geldstromen, belastingontwijking en -ontduiking, schadelijke belastingpraktijken en het voorkomen en beslechten van belastinggeschillen.
Dubbele belasting: een ernstig en onaanvaardbaar risico voor het bedrijfsleven
Voor het bedrijfsleven is de gevoeligste bepalingArtikel 4over de ‘eerlijke verdeling van heffingsrechten’. In de huidige formulering kent Artikel 4 jurisdicties ruime heffingsrechten toe, maar biedt het weinig houvast over de verdeling van inkomsten daartussen. Vanuit het bedrijfsleven bezien ontstaat daardoor een ernstig en onaanvaardbaar risico op dubbele en zelfs meervoudige belasting – een onduidelijkheid die kan uitmonden in een regelgevend ‘ieder voor zich’ tussen jurisdicties.
ICC bepleitte dat het verdrag het voorkomen en wegnemen van dubbele belasting uitdrukkelijk benoemt als kerndoel waarover niet valt te onderhandelen. Nieuwe heffingsrechten op basis van de bron moeten altijd samengaan met verplichte tegemoetkoming door het vestigingsland, via vrijstellingen, verrekening of gelijkwaardige maatregelen.
Eenvoudiger gezegd: als het verdrag meerdere landen het recht geeft om dezelfde winst te belasten, moet het ook voorschrijven dat dubbele belasting wordt weggenomen, bijvoorbeeld door verrekening te erkennen. Wordt dezelfde winst meer dan één keer belast, dan is het voor bedrijven economisch niet langer haalbaar om in meer dan één land actief te zijn. Uiteindelijk leidt dat tot minder investeringen en minder banen, en tot problemen in lokale supply chains en in de lokale economie als geheel. Heffingsrechten uitbreiden zonder even sterke tegemoetkomingsmechanismen vergroot het probleem juist, aldus ICC.
Nauw hiermee verbonden is dekwestie van de definities.
ICC benadrukte dat begrippen en definities moeten aansluiten bij bestaande internationale standaarden, zoals die van de Verenigde Naties (VN) en de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Versnipperde definities verhogen de compliancekosten, belasten de belastingdiensten en vergroten de kans op geschillen. Dat treft ontwikkelingslanden met minder administratieve capaciteit onevenredig hard.
Het voorkomen en beslechten van geschillen moet worden versterkt om fiscale zekerheid te waarborgen.
De tweede onderhandelingsweek richtte zich opWorkstream III, over de meest recente concept note van VN-Protocol II over het voorkomen en beslechten van geschillen. De concept note schetst een facultatief mechanisme voor de werking van het protocol: landen kunnen uit een reeks mechanismen kiezen wat past bij hun juridische, politieke en institutionele context. Ook bevat de concept note open vragen over reikwijdte, mechanismen en capaciteitsopbouw.
De details zijn nog onzeker, maar ons antwoord is ondubbelzinnig. Zonder geloofwaardige geschillenbeslechting staan fiscale zekerheid, grensoverschrijdende investeringen en duurzame economische groei op het spel.
Om de fiscale zekerheid te vergroten en het aantal geschillen terug te dringen, stelde ICC voor nieuwe preventie-instrumenten in het protocol op te nemen:
‘MAP-Lite’-raamwerk:een gestroomlijnd proces waarmee belastingdiensten snel kunnen samenwerken, zaken vroeg kunnen beoordelen en tijdelijk uitstel of vermindering van belasting kunnen verlenen zolang het geschil loopt – dat geeft bedrijven tussentijds zekerheid en beperkt de gevolgen voor de bedrijfsvoering.
‘Synthetische’ APA’s:de mogelijkheid stimuleren om twee unilaterale Advance Pricing Arrangements (APA’s) op elkaar af te stemmen, zodat dezelfde zekerheid ontstaat als bij een bilaterale APA, maar met minder complexiteit en vertraging.
Eenvoudige safe harbours:eenvoudige ‘safe harbours’ invoeren – vooraf afgesproken fiscale regels – voor diensten met een laag risico en voor routinematige distributiemarges.
Waar geschillen niet te vermijden zijn, steunt ICC nadrukkelijk een effectievere Mutual Agreement Procedure (MAP) – de formele procedure waarin overheden onderling grensoverschrijdende belastinggeschillen oplossen – met bindende arbitrage als vangnet. Ervaring met bestaande verdragen laat zien dat alleen al het bestaan van bindende arbitrage belastingdiensten aanzet om zaken binnen de MAP te schikken. Dat vermindert de onzekerheid voor zowel overheden als belastingplichtigen.
Opvallend afwezig in Nairobi was voortgang op Workstream II, over de belastingheffing op grensoverschrijdende diensten.
Er lag geen nieuw document, al wordt een nieuw voorstel verwacht vóór de volgende zitting in New York, die op 2 februari 2026 begint.
Voorlopig is het VN-belastingproces nog volop in ontwikkeling. Of het een voorspelbaar, op regels gebaseerd kader oplevert of een lappendeken van concurrerende aanspraken, hangt af van de keuzes van de onderhandelaars.
ICC blijft zich inzetten voor constructieve betrokkenheid bij het INC en voor eenvoorspelbaar, op regels gebaseerd systeemdat de wereldeconomie ten goede komt en ontwikkelingslanden helpt om de benodigde inkomsten te halen en tegelijk het vertrouwen van investeerders te behouden.
