top of page

Concurrentievermogen in tijden van geo-economische fragmentatie

Casper Roerade

3 nov 2025

Concurrentievermogen in tijden van geo-economische fragmentatie

Concurrentievermogen in tijden van geo-economische fragmentatie


De context: een geopolitieke update ā€˜Integrity in Transition: Culture, Power & Pressure’.


De mondiale machtsverhoudingen zijn verschoven en de grootmachten herinterpreteren hun rol in het internationale systeem. Dat heeft ingrijpende gevolgen voor het wereldwijde handelssysteem. We zijn beland in een wereld van ā€˜gefragmenteerde multipolariteit’. Een wereld waarin de VS en China zeker de dominante spelers zijn, maar waarin middelgrote mogendheden een aanzienlijke rol spelen in het internationale systeem.


Multipolariteit betekent niet dat alle grote mogendheden gelijk zijn, maar wijst op een gefragmenteerd systeem met grote ā€˜systeembeĆÆnvloeders’. Dat zijn staten die een systeem niet in hun eentje kunnen domineren, maar het karakter ervan wel sterk kunnen beĆÆnvloeden met unilaterale en multilaterale acties. Denk aan BraziliĆ«, India en Saoedi-ArabiĆ«, maar ook aan de Europese Unie (EU). Deze landen wijzen de ā€˜Koude Oorlog-mentaliteit’ uitdrukkelijk af en kiezen bewust voor strategische autonomie in plaats van voor ƩƩn kant. De EU noemt dat ā€˜open strategische autonomie’, India spreekt van ā€˜multi-alignment’ en BraziliĆ« van ā€˜autonomia pela diversificação’, enzovoort.


Bovendien is het niet alleen een wereld met meerdere spelers, maar een gefragmenteerd systeem. Het is niet geordend rond ƩƩn of twee dominante landen en wordt niet bestuurd door vaste allianties en instituties. Kenmerkend zijn juist wisselende coalities per onderwerp. De EU zal daarom pragmatisch moeten optreden zonder onze waarden op te geven.


Zoals Henry Kissinger treffend schreef in zijn proefschrift uit 1957 over de multipolaire wereld van de 19eeeuw: ā€˜Wat een revolutionaire mogendheid verder ook bereikt, zij ondermijnt doorgaans niet zozeer de legitimiteit van de internationale orde als wel de terughoudendheid waarmee die orde functioneert. In een tijd van legitimiteit zijn beginselen van verplichting zo vanzelfsprekend dat er nooit over wordt gesproken; het nageslacht ziet zulke perioden daarom als oppervlakkig en zelfingenomen. In een revolutionaire situatie staan beginselen zo centraal dat er voortdurend over wordt gesproken. Juist de steriliteit van die inspanning ontneemt hun al snel elke betekenis.’ Dat is de uitdaging waar we vandaag voor staan.

We zien datveel landen zich onttrekken aan de regels en normen van ons handelssysteemdie vroeger onbetwist waren. Nationale veiligheid, een legitieme uitzondering op de WTO-regels op grond van artikel XXI van de GATT, wordt tegenwoordig op grote schaal misbruikt.Ā Tussen 2010 en 2019 beriepen landen zich bij de WTO gemiddeld slechts acht keer per jaar op dit veiligheidsargument, maar in 2024 bereikte het aantal notificaties eenrecordhoogte van 95.Steeds meer staten, en niet alleen de VS, maken gebruik van het ontbreken van een functionerende Appellate Body om uitspraken van WTO-panels te blokkeren met een beroep in het luchtledige. Sinds de ineenstorting van de Appellate Body nemen ontwikkelingslanden meer dan de helft van al die beroepen voor hun rekening. Het gebruik van sancties is explosief gestegen en sinds 2017 worden er meer internationale investeringsverdragen (IIA’s) beĆ«indigd dan er nieuwe in werking treden.


De handel past zich daarop aan. De geopolitieke afstand in de handel, dus handel tussen landen die politiek ver uit elkaar liggen, is afgenomen nu de EU en de VS hun risico’s ten opzichte van China afbouwen. Tegelijk ontstaan er nieuwe corridors met sterke groei: EU–India, China–ASEAN en India–Midden-Oosten.


Nu de concurrentie toeneemt, heeft China laten zien vastberaden stand te houden tegen economische dwang. Overvallen door Trump 1.0 heeft het land zijn arsenaal voor strijd in de supply chain duidelijk uitgebreid. Met eigen exportcontroles, een lijst van onbetrouwbare entiteiten en mededingingsonderzoeken benut China zijn centrale positie in de maakindustrie om de toevoer van zeldzame aardmetalen, batterijen en groene technologie af te knijpen. China is ervan overtuigd dat het de eerste ronde van de handelsoorlog in april en mei heeft gewonnen, toen het de VS met exportbeperkingen op zeldzame aardmetalen dwong torenhoge tarieven terug te draaien. Een whitepaper over nationale veiligheid uit mei 2025 liet een zelfverzekerd Peking zien dat minder bereid is tot compromissen.


In dit tijdperk van ā€˜wederzijdse afhankelijkheid als wapen’staan Europese bedrijven voor de lastige opgave om bedrijfsbelangen en Europese belangen met elkaar te verenigen. China wil immers zo veel mogelijk technologie, kapitaal en data aantrekken en maakt het bedrijven tegelijk moeilijker om te vertrekken.


Elke toenadering tot China, zoals die bleek uit de ontmoeting tussen Trump en Xi in Zuid-Korea, zal van korte duur zijn zolang het Chinese industriebeleid overcapaciteit mogelijk maakt. De uitkomst van het vierde plenum (20–23 oktober) en het daaropvolgende nieuwe vijfjarenplan tot 2030 laat vooral zien dat China nog sterker inzet op zelfredzaamheid en industriĆ«le productie.


Zo wordt de grootste belasting van China, de belasting over de toegevoegde waarde (btw), gelijk verdeeld tussen de centrale overheid en de lokale overheid van de plaats waar een goed of dienst wordtgeproduceerd, in plaats van de plaats waar het wordtgeconsumeerd. Omdat het systeem belastinginkomsten aan regio’s toewijst op basis van productie, beloont het een voortdurende uitbreiding van de industriĆ«le basis. Lokale Chinese bestuurders proberen zo veel mogelijk activiteiten stroomopwaarts en stroomafwaarts vast te houden om hun belastinggrondslag te vergroten. De provinciale vijfjarenplannen lijken sterk op elkaar: ze beloven dezelfde clusters in dezelfde sectoren, bieden grond en nutsvoorzieningen met korting en garanderen snelle vergunningen. De overcapaciteit die daaruit voortkomt, is de logische uitkomst van een belasting- en subsidiestelsel dat schaal beloont boven selectiviteit.


De spanningen zullen aanhouden en het bedrijfsleven moet een weg vinden in het dilemma tussen het naleven van wetgeving van derde landen en politieke aansluiting bij de thuismarkt. De vraag is hoe compliance, impact en geopolitieke realiteit zich met elkaar laten verenigen. Dat wordt de uitdaging van onze tijd, nu bedrijven concurrerend proberen te blijven onder omstandigheden van geo-economische fragmentatie.



Casper Roeradeis beleidsadviseur mainports en internationale supply chains bij evofenedex, de toonaangevende Nederlandse vereniging voor logistiek en internationaal zakendoen. Hij is gespecialiseerd in de weerbaarheid van supply chains, handelsbeleid en logistiek, en adviseert bedrijven over het anticiperen op mondiale ontwikkelingen en het versterken van hun strategische positie.


Met een uitgebreid netwerk in Nederland en op internationale markten slaat Casper een brug tussen politiek en bedrijfsleven en helpt hij toekomstbestendige supply chains vorm te geven in een gefragmenteerde wereldeconomie.

bottom of page